Home

Rechtbank Rotterdam, 29-06-2022, ECLI:NL:RBROT:2022:5288, 9882973

Rechtbank Rotterdam, 29-06-2022, ECLI:NL:RBROT:2022:5288, 9882973

Gegevens

Instantie
Rechtbank Rotterdam
Datum uitspraak
29 juni 2022
Datum publicatie
30 juni 2022
ECLI
ECLI:NL:RBROT:2022:5288
Zaaknummer
9882973

Inhoudsindicatie

Kort geding. Ontruiming woonruimte ivm politievondst toegewezen

Uitspraak

locatie Rotterdam

zaaknummer: 9882973 VV EXPL 22-197

datum uitspraak: 29 juni 2022 (bij vervroeging)

Vonnis in kort geding van de kantonrechter

in de zaak van

Stichting Woonstad Rotterdam,

vestigingsplaats: Rotterdam,

eiseres,

gemachtigde: mr. R. van der Hoeff,

tegen

[gedaagde] ,

woonplaats: [woonplaats gedaagde] ,

gedaagde,

die niet is verschenen.

De partijen worden hierna ‘Woonstad’ en ‘ [gedaagde] ’ genoemd.

1. De procedure

1.1.

Het dossier bestaat uit de volgende processtukken:

-

de dagvaarding van 30 mei 2022, met bijlagen;

-

de mail met een aanvullende bijlage;

-

het herstelexploot van 16 juni 2022;

1.2.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 24 juni 2022.

2. Het geschil

2.1.

Woonstad eist samengevat:

-

[gedaagde] te veroordelen om de woning gelegen aan de [adres] (hierna: de woning) binnen drie dagen na betekening van dit vonnis te ontruimen;

-

[gedaagde] te veroordelen tot betaling van € 453,96 aan huur van de maand juni 2022 en vervolgens € 463,04 per maand vanaf 1 juli 2022 tot de maand waarin Woonstad weer beschikking over de woning krijgt;

-

[gedaagde] te veroordelen tot betaling aan Woonstad van € 462,50 aan buitengerechtelijke kosten, met rente;

-

[gedaagde] te veroordelen in de proceskosten, waaronder de nakosten;

-

het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

2.2.

Woonstad baseert de eis op het volgende. [gedaagde] huurt de woning van Woonstad, tegen een huurprijs van nu € 453,96 per maand en vanaf 1 juli 2022 € 463,04 per maand. Op 9 maart 2022 is door de politie 5.873,70 gram heroïne, 4.534,30 gram cocaïne, kilo’s diverse versnijdingsmiddelen, hasj, een vuurwapen met munitie en meer dan € 24.500,00 aan contanten in de woning aangetroffen. Daaruit blijkt dat de woning is gebruikt voor de productie van en handel in verdovende middelen. Bovendien is het aannemelijk dat de woning deel uitmaakt van een keten van drugshandel en daarmee van het criminele circuit. Hierdoor komt de leefbaarheid en veiligheid van de woning en haar omgeving, waarvoor Woonstad heeft te waken, in gevaar. Om deze reden streeft Woonstad (buiten)gerechtelijke ontbinding van de huurovereenkomst na. Vooruitlopend hierop vordert ze in kort geding de ontruiming van de woning. Samenhangend met deze vordering maakt ze aanspraak op doorbetaling van een bedrag gelijk aan de huurprijs en de (buiten)gerechtelijke kosten.

3. De beoordeling

Verstek

3.1.

[gedaagde] is niet verschenen op de mondelinge behandeling. Woonstad heeft de betekende dagvaarding en het herstelexploot overgelegd, waaruit blijkt dat [gedaagde] wel correct is opgeroepen voor deze zitting. Tegen hem wordt daarom verstek verleend.

Beoordelingskader

3.2.

Een vordering in kort geding kan worden toegewezen als de partij die de voorziening vraagt hierbij zoveel spoed heeft dat hij de uitkomst van een gewone procedure niet hoeft af te wachten. Bij die beoordeling is van belang hoe aannemelijk het is dat de vordering in een gewone procedure zal worden toegewezen. Verder moet het belang van Woonstad bij toewijzing van de vordering worden meegewogen en de gevolgen van toewijzing van de vordering voor [gedaagde] als deze uitspraak later wordt teruggedraaid. Als partijen een gewone procedure starten, is de rechter in die procedure niet gebonden aan deze uitspraak.

Spoedeisendheid

3.3.

Uit de aard van de vordering en de toelichting van Woonstad daarbij is voldoende gebleken dat zij een spoedeisend belang heeft bij haar eisen, zodat zij in zoverre ontvankelijk is.

Ontruiming

3.4.

De kantonrechter vindt het zeer aannemelijk dat de politievondst in een eventuele bodemprocedure zal leiden tot ontbinding van de huurovereenkomst, dan wel de verklaring voor recht dat de huurovereenkomst rechtsgeldig buitengerechtelijk ontbonden is. Om die reden komt de gevorderde ontruiming de kantonrechter niet ongegrond of onrechtmatig voor en zal deze worden toegewezen.

3.5.

Uit de nader overgelegde bijlage van Woonstad blijkt dat de woning na de dagvaarding, per 7 juni 2022, is gesloten voor de duur van drie maanden. Daardoor is [gedaagde] op dit moment feitelijk niet in staat om de woning te ontruimen. Daarom gaat de ontruimingstermijn in op het moment dat zowel betekening als (tijdelijke) opheffing van de burgemeesterssluiting hebben plaatsgevonden. De ontruimingstermijn wordt daarbij in redelijkheid bepaald op 14 dagen.

Betaling

3.6.

Woonstad vordert verder betaling van een bedrag gelijk aan de huurprijs per maand, vanaf 1 juni 2022 tot aan het moment waarop zij de beschikking krijgt over de woning. Tijdens de mondelinge behandeling heeft zij toegelicht dat zij de beschikking krijgt over de woning wanneer de ontruiming heeft plaatsgevonden en de burgemeesterssluiting is opgeheven. Deze vordering is op de huurovereenkomst en de wet gebaseerd en wordt eveneens toegewezen.

3.7.

De gevorderde vergoeding van buitengerechtelijke kosten wordt eveneens toegewezen. De daarover gevorderde wettelijke rente zal echter worden afgewezen, omdat niet is gesteld of gebleken dat Woonstad deze kosten al aan haar gemachtigde heeft betaald.

Proceskosten

3.8.

[gedaagde] krijgt ongelijk en moet daarom de proceskosten betalen. De kantonrechter stelt deze kosten aan de kant van Woonstad tot vandaag vast op € 127,43 aan dagvaardingskosten, € 128,- aan griffierecht en € 498,- aan salaris voor de gemachtigde. Dit is totaal € 753,43. Ook de gevorderde nakosten worden toegewezen.

Uitvoerbaarheid bij voorraad

3.9.

Dit vonnis wordt, zoals gevorderd, uitvoerbaar bij voorraad verklaard.

4. De beslissing