Home

Rechtbank Amsterdam, 11-06-2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:3977, AMS 23/7280

Rechtbank Amsterdam, 11-06-2025, ECLI:NL:RBAMS:2025:3977, AMS 23/7280

Gegevens

Instantie
Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak
11 juni 2025
Datum publicatie
13 juni 2025
ECLI
ECLI:NL:RBAMS:2025:3977
Zaaknummer
AMS 23/7280

Inhoudsindicatie

De conclusie van een verzekeringsarts van het UWV dat de door de rechtbank benoemde deskundige te veel is uitgegaan van de door een werkneemster ervaren beperkingen, is te kort door de bocht. Dit heeft de rechtbank bepaald in een zaak over een geweigerde WIA-uitkering.

Uitspraak

Bestuursrecht

zaaknummer: AMS 23/7280

(gemachtigde: mr. T. van der Ven),

en

de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, verweerder

(gemachtigde: Y. Bekema).

Als derde-partij neemt aan het geding deel Kappe Schiphol B.V. (hierna: de voormalige werkgever) te Hoofddorp. De voormalige werkgever heeft aangegeven alleen een kopie van de uitspraak te willen ontvangen.

Procesverloop

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de weigering van verweerder om haar een uitkering op grond van de Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen (Wet WIA) toe te kennen.

1.1

Met een besluit van 1 maart 2023 (het primaire besluit) heeft verweerder geweigerd eiseres met ingang van 11 september 2021 een WIA-uitkering toe te kennen

1.2

Met een besluit van 10 november 2023 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiseres ongegrond verklaard.

1.3

Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld.

1.4

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

1.5

De rechtbank heeft het beroep op 23 mei 2024 op zitting behandeld. Eiseres is verschenen, bijgestaan door haar gemachtigde. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

1.6

De rechtbank heeft het onderzoek geschorst en een deskundige benoemd. De deskundige (revalidatiearts) heeft op 10 januari 2025 de rapportage uitgebracht. Partijen hebben op het rapport van de deskundige gereageerd.

1.7

Nadat partijen niet hebben gereageerd op de vraag of zij een nadere zitting wensen, heeft de rechtbank het onderzoek gesloten.

Totstandkoming van het besluit

2. Eiseres was laatstelijk werkzaam als sales assistent voor gemiddeld 28 uur per week. Zij is op 14 september 2019 uitgevallen vanwege gezondheidsklachten.

2.1

In het kader van de WIA-beoordeling einde wachttijd heeft een verzekeringsgeneeskundig onderzoek plaatsgevonden. De verzekeringsarts heeft eiseres op 10 februari 2023 op het spreekuur gezien en op 20 oktober 2023 een FML opgesteld, die geldig is vanaf 11 september 2021. Daarin zijn beperkingen opgenomen in de rubrieken persoonlijk functioneren, sociaal functioneren, fysieke omgevingseisen, dynamische handelingen en statische houdingen. Ook is een urenbeperking aangenomen van 30 uur per week.

2.2

De arbeidsdeskundige heeft in de rapportage van 13 maart 2023, met inachtneming van de mogelijkheden en beperkingen van eiseres, geconcludeerd dat eiseres niet geschikt is voor het verrichten van haar eigen werk, maar wel voor de geduide functies: Huishoudelijk medewerker (excl particulier), Productiemedewerker metaal en elektro-industrie en Huishoudelijk medewerker gebouwen. Het loon dat met de middelste van de drie eerstgenoemde functies (de mediaanfunctie) verdiend kan worden, ligt 28,90% lager dan het loon dat eiseres met haar eigen werk zou kunnen verdienen (het maatmaninkomen). Vervolgens heeft verweerder het primaire besluit genomen.

2.3

In het kader van de heroverweging in bezwaar heeft de verzekeringsarts bezwaar en beroep in de rapportage van 3 november 2023 geconcludeerd dat geen aanleiding wordt gezien om af te wijken van het oordeel van de primaire arts ten aanzien van de per 11 september 2021 aangegeven mogelijkheden en beperkingen van eiseres.

2.4

De arbeidsdeskundige bezwaar en beroep heeft vervolgens in de rapportage van 8 november 2023 twee van de geselecteerde functies laten vervallen en aanvullend een nieuwe functie geselecteerd. De arbeidsongeschiktheid blijft minder dan 35%.

Standpunt eiseres

3. Eiseres is het daar niet mee eens. Zij stelt dat haar klachten en beperkingen zijn onderschat. Het medisch onderzoek is onzorgvuldig. Er dient een verdergaande urenbeperking voor arbeid te worden gehanteerd.

Toetsingskader

Beoordeling van het bestreden besluit

Conclusie en gevolgen

Beslissing

Informatie over hoger beroep

Bijlage: voor deze uitspraak belangrijke wet- en regelgeving